Dorita de Bekker-Vorst
verhalen en gedichten
DE TAFEL VAN HOOP
~

Nog twee dagen.
Dan heb ik 21 bestralingen gehad en is mijn preventief gevecht, om de meest kleinste kwaadaardige cellen die er nog zouden kunnen zijn te vernietigen, gestreden. Op naar een volgende fase.
Het Verbeeten Instituut waar ik al die dagen ben geweest is, hoe vreemd het ook mag klinken, een oase van rust geweest.
Tenminste, zo heb ik dat ervaren. Met name in ’s-Hertogenbosch is het een plek die mooi ligt, veel privacy biedt, relaxed is ingericht en de mensen die er werken bieden een enorm veilig vriendelijk vangnet.
De laatste keer dat ik in Tilburg het Verbeeten instituut verliet, werd ik getroffen door een van de vele schilderijen die daar hangen.
DE TAFEL VAN HOOP.
Het ontroerde me.
Ik laat een periode achter me die nooit meer uit mijn geheugen zal verdwijnen, die voortaan de rest van mijn leven bij me zal horen.
Treffend...tafel van hoop.

Terwijl je, in mijn geval zo’n kleine 10 minuten doodstil ligt op de tafel met rode neksteun, rode knieholtesteun, kommetjes om je armen in te leggen, je handen gedrapeerd gelijk een ballerina, lampen boven je en de radio zachtjes aan, hoop je.
Als je dat enorme gevaarte boven je ziet, dat draait, je als het ware omarmt om je te helpen te genezen, hoop je.
Als je denkt, mijn wang jeukt maar ik mag geen millimeter bewegen...hoop je.
Ik hoop terwijl ik met gesloten ogen mijn kleinkinderen zie. Mijn grootste bron van positief zijn en blijven.
Ik hoop terwijl ik de gezichten van mensen, die ik in de afgelopen maanden heb ontmoet, op mijn netvlies zie.
Ik hoop terwijl ik denk, aan alle bemoedigende woorden die op kaartjes en in mailtjes en facebook berichtjes staan en die met een arm om me heen tegen me gezegd zijn.
Terwijl ik hoop zegt een stem: “Mevrouw, dat was ie weer. U bent klaar.”
Ik stap van de tafel en hoor mezelf zeggen: ”Tot morgen maar weer.”

Mooi die naam...TAFEL VAN HOOP.
Ik voelde zo duidelijk de hoop op dat schilderij.
Dat hoop waarheid mag worden.
Voor mij en iedereen die met deze ziekte het gevecht moet aangaan.