Dorita de Bekker-Vorst
verhalen en gedichten
Franse dorpjes
~

De zon zet de wat verveloze muur van Nathalie coiffures in brand. De rest van de wat grijs-witte huisjes valt net in de schaduw. De stroomkabels die hier nog vaak over de weg lopen, werpen hun schaduwen over het wegdek. We rijden door een van de duizenden minuscule dorpjes in Frankrijk, op weg naar onze vrienden in de Charente Maritime in het zuidwesten van dit grote land.
Veel van deze dorpjes zijn ingebed in velden vol zonnebloemen, ruisend riet en lavendel. De tijd heeft hier soms echt stilgestaan. Ons campertje tuft door de straatjes en verbaast zich, net als wij zelf overigens, over de stilte in deze gehuchtjes. Woont hier eigenlijk iemand? Ja toch, want daar loopt een oud vrouwtje met een kromgebogen rug en trekt een karretje met zich mee. Wellicht gaat ze haar boodschappen doen bij de plaatselijke boulangerie. Want die zijn er wel. Van die ienie mienie kleine winkeltjes waar je langs heen loopt zonder dat je eigenlijk in de gaten hebt dat er een bakkerswinkel is. Tenzij de heerlijke lucht van versgebakken brood natuurlijk langs de deurstijlen omhoog kringelt.
Wat er ook altijd te zien is: een kerktoren en een gemeentehuis oftewel Mairie. Hoe klein het dorp ook is, dat zit in het standaardpakket. Enkele plantenbakken voor de deur  van de burgemeester met daarin, trots en fier, wat Franse vlaggetjes gestoken. De dokter zit in de gemeenteraad evenals de timmerman en bakker. Nou ja, als er al een dokter is! Want vaak moet je met je kwaaltjes naar Monsieur le médicin of Madame natuurlijk, een paar dorpjes verderop als je woonomgeving uit zo’n tien straatjes bestaat. Maar hopen op geen hernia dus en vertrouwen hebben op het goede leven in Frankrijk.

In de iets wat grotere dorpjes word je bij het binnenrijden verwelkomd door een bordje Ville Fleurie met respectievelijk een, twee of drie bloemetjes. Daar vind je een pompstation, een kleine brandweerkazerne, wat winkeltjes waar je het hoognodige kunt kopen, een apotheek en banken. Van die dingen waarop je kunt zitten alsmede zo’n gebouw waar je je geld uit de muur of gewoon binnen kunt halen. Je ziet daar ook nog lang na 14 juli, de nationale feestdag, aanplakbiljetten hangen, die aangeven dat er een grandioos vuurwerk zal plaatsvinden. Wat ik dan persoonlijk weer jammer vind is het feit dat er grote reclameplaten van Mr Bricolage of Carrefour op hoekmuren hangen die wat verdoezeld moeten worden. Maar goed, wie ben ik in deze....
Brion près Thouet is zo’n plaatsje, waar je al uit bent voordat je de naam hebt uitgesproken. Maar dit is dan ook zo’n gehuchtje dat hoort bij een grotere gemeente in de klasse brandweerkazerne. Heeft zo’n grotere gemeente een bibliotheek, dan is er een boekje onder de plaatsnaam afgebeeld. Duidelijkheid voor alles...

Lageon, Alonnes, Bellard en Vivy. Het klinkt wat vreemd misschien uit de mond van een stadskind, maar deze dorpjes zijn voor mij duidelijk een stukje charme van la Douce France.
Langzaamaan komen we in de vertrouwde omgeving van Pons, Saintes, Jonzac en Lorignac. De typische blauwe kleuren waar ik zo van ben gaan houden, piepen links en rechts tevoorschijn. Stokrozen en zonnebloemen en borden van pineau en cognac overal in de velden. We zijn op de plaats van bestemming: Saint Fort sur Gironde. Of eigenlijk Civrac, gemeente Saint Fort sur Gironde.
Ook zo’n pareltje van een straatje of vijf, waar de huizen veelal een majestueus uitzicht hebben op de Gironde. ′s-Avonds zie je de lichtjes van de grote schepen die richting Bordeaux varen en exact hier, heb je de mooiste zonsondergang ter wereld. De honderden en honderden zonnebloemen aan mijn voeten worden er net zo romantisch van als de schrijfster van dit verhaal...